Samenvatting: dit moet je weten
- Tegen 2050 moet verwarmen in Vlaanderen energieneutraal. Nu verwarmt slechts 3,6% van de woningen met een warmtepomp.
- Volgens onderzoek van Energyville & Vito zijn er tegen 2030 ongeveer 1,5 miljoen warmtepompen nodig, tegenover zo’n 200.000 vandaag.
- Vanaf 2028 maakt ETS-2 verwarmen met gas duurder, terwijl elektriciteit relatief goedkoper wordt.
- Een rijhuis of herenhuis heeft minder buitenmuren en ramen, waardoor vaak een kleiner toestel
- Meestal volstaan gerichte ingrepen zoals dakisolatie en beter glas. Een totaalrenovatie is zelden nodig.
- Bestaande radiatoren kunnen vaak blijven. Met de 50-gradentest check je dat zelf.
- Geluid en plaatsing los je op met een goede keuze van locatie, een nachtmodus en rubberen voeten onder de buitenunit.
Tegen 2050 moet verwarmen in Vlaanderen energieneutraal zijn, met tussendoelen die al tegen 2030 gelden. Wie vandaag een gasketel heeft die aan vervanging toe is, moet dus nadenken over wat daarna komt. In een rijhuis of herenhuis lijkt dat een grote ingreep. In de praktijk valt dat meestal mee.
Waar staan we nu?
Bijna 67% van de Vlaamse woningen wordt verwarmd met gas. Slechts 3,6% heeft een warmtepomp, ongeveer 200.000 woningen. Een aansluiting op een warmtenet is nog zeldzamer: 0,3% van de huishoudens.
Vito berekende dat er tegen 2030 ongeveer 1,5 miljoen warmtepompen moeten draaien om de klimaatdoelen te halen. Dat is een veelvoud van wat er nu staat. De omschakeling moet dus ook gebeuren in woningen waar mensen er het minst op rekenen: de rijhuizen en herenhuizen in onze steden.
ETS-2 maakt gas duurder
Er komt ook een prijsprikkel bij. Vanaf 2028 geldt in Europa het ETS-2-systeem, dat fossiele brandstoffen voor gebouwen een CO₂-prijs geeft. Leveranciers rekenen die kost door, waardoor verwarmen met gas structureel duurder wordt. Tegelijk verlaagt de federale overheid de lasten op elektriciteit en stijgen de accijnzen op fossiele brandstoffen. In ons artikel over ETS-2 leggen we uit wat dat concreet betekent voor je energiefactuur.
Heb je ook zonnepanelen, dan wek je een deel van de stroom voor je warmtepomp zelf op. Of een warmtepomp financieel loont, hangt wel altijd af van je woning en je verbruik.
Waarom een stadswoning geen probleemgeval is
In onze steden staan veel rijhuizen en herenhuizen: smalle gevels, een kleine tuin of koer en buren aan beide kanten. Daardoor leeft het idee dat een warmtepomp hier ingewikkeld en duur wordt. Dat klopt echter zeker niet altijd.
- Een rijhuis heeft minder buitenmuren dan een vrijstaande woning, dus er gaat minder warmte verloren.
- Isoleren is daardoor vaak eenvoudiger.
- Er zijn doorgaans minder ramen.
- Het nodige verwarmingsvermogen ligt lager, waardoor een kleinere warmtepomp volstaat.
Een totaalrenovatie is meestal niet nodig. Bij veel stadswoningen volstaan gerichte ingrepen, zoals dakisolatie en beter glas, om de woning klaar te maken voor een warmtepomp. Je verhoogt zo meteen ook je comfort.
Werkt een warmtepomp met de bestaande radiatoren?
Een hardnekkig misverstand is dat een warmtepomp altijd vloerverwarming vraagt. In veel woningen werkt een warmtepomp perfect met de bestaande radiatoren, zolang het huis voldoende warmte vasthoudt. Hoe lager de watertemperatuur, hoe beter het rendement.
Je kan dat zelf testen met de 50-gradentest. Zet de aanvoertemperatuur van je ketel tijdens een koude periode op 50 graden in plaats van 70 of 80. Blijft het comfortabel warm in huis, dan kunnen je radiatoren blijven. Lukt dat niet, dan zijn er drie opties:
- lagetemperatuurradiatoren of ventiloconvectoren, radiatoren met een ventilator die meer warmte afgeven
- ventilatorsetjes op bestaande radiatoren, een voordelige tussenoplossing
- een lucht-luchtwarmtepomp, beter bekend als airco, die in de winter efficiënt verwarmt en in de zomer koelt
Wil je je radiatoren of vloerverwarming wel behouden, dan is een lucht-waterwarmtepomp de juiste keuze.
Is je woning klaar voor een warmtepomp?
Zekerheid krijg je met een warmteverliesberekening. Daarbij wordt nagegaan hoeveel warmte je woning verliest via muren, dak, ramen, ventilatie en kieren. Een installateur of studiebureau kan die opmaken. Op de website van het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap vind je ook de online tool Warmtepompklaar voor een eerste check.
Is de woning nog onvoldoende geïsoleerd, dan is een hybride warmtepomp een tussenstap. De warmtepomp neemt het grootste deel van het werk op zich, de gasketel springt enkel bij als het buiten erg koud is.
Geluid en plaatsing in de stad
In de stad staan woningen dicht bij elkaar, dus geluid telt zwaarder mee. De buitenunit van een warmtepomp maakt 40 tot 50 decibel, vergelijkbaar met een zoemende koelkast. Overdag mag een warmtepomp 45 decibel produceren, ’s nachts 40. De plaatsing maakt veel uit:
- planten en struiken dempen geluid, harde muren weerkaatsen het
- veel recente toestellen hebben een nachtmodus die het toerental verlaagt
- rubberen voeten voorkomen trillingen en contactgeluid
- een geluidsomkasting kan extra afschermen
Bij elke installatie bekijken we samen met jou waar de unit komt, zodat de buren er geen last van hebben. Heb je geen tuin, dan zoeken we een alternatief, bijvoorbeeld op een plat dak of tegen een gevel.
Waar let je op in een offerte?
Een standaardofferte zonder woningcheck is de grootste valkuil. Voor een correct advies moet je installateur minstens weten:
- hoeveel je nu verbruikt en welk vermogen je woning nodig heeft
- hoe de woning geïsoleerd is
- met welk systeem je nu verwarmt
- waar de buitenunit kan komen
- of ook het sanitair warm water via de warmtepomp moet
Vergelijk offertes dus op inhoud, niet alleen op het eindbedrag. Staat er een warmteverliesberekening bij en een duidelijke keuze voor het type toestel, dan weet je dat er naar je woning gekeken is.
Wat met appartementen?
In een appartementsgebouw beslist de vereniging van mede-eigenaars. Iedereen moet meegaan in de investering en soms is er te weinig plaats voor een warmtepomp. Vaak staat de watertemperatuur van de installatie ook te hoog, waardoor het verbruik onnodig oploopt. Een eerste stap is nagaan of het gebouw op een lagere temperatuur kan werken. Daarna kan een collectieve warmtepomp een optie worden.
Wat kost een warmtepomp in een stadswoning?
De prijs hangt af van het type warmtepomp, het nodige vermogen, de staat van je woning en de plaatsing van de buitenunit. Een vrijblijvende offerte op maat geeft het duidelijkste beeld voor jouw woning.
Veelgestelde vragen over een warmtepomp in een stadswoning
Kan je een warmtepomp plaatsen in een rijhuis zonder tuin?
Ja. De buitenunit kan op een plat dak, tegen een gevel of op een koer staan. Wel moet je rekening houden met de geluidsnormen en met de afstand tot de buren.
Heb ik vloerverwarming nodig voor een warmtepomp?
Nee. In veel woningen werkt een warmtepomp met de bestaande radiatoren, zolang de woning voldoende warmte vasthoudt. De 50-gradentest geeft een eerste indicatie.
Moet ik mijn woning eerst volledig renoveren?
Meestal niet. Gerichte ingrepen, zoals dakisolatie en beter glas, volstaan bij veel stadswoningen om ze klaar te maken voor een warmtepomp. Een warmteverliesberekening toont wat in jouw woning nodig is.
Hoeveel lawaai maakt een warmtepomp?
De buitenunit maakt 40 tot 50 decibel, zoals een zoemende koelkast. Een nachtmodus, rubberen voeten, beplanting en een goed gekozen plaats beperken de hinder.
Wat als mijn woning onvoldoende geïsoleerd is?
Dan kan een hybride warmtepomp een tussenstap zijn. De warmtepomp doet het grootste deel van het werk, de gasketel springt bij bij felle kou.
Kom ik in aanmerking voor een premie?
Mogelijk wel, via Mijn VerbouwPremie van de Vlaamse overheid. De voorwaarden en het bedrag hangen af van het type warmtepomp en je inkomenscategorie. Raadpleeg de officiële pagina van Mijn VerbouwPremie voor warmtepomp voor alle voorwaarden.
Twijfel je of een warmtepomp past in jouw rijhuis of herenhuis?
Elke woning is anders. Daarom kijken we eerst naar de woning en pas daarna naar het toestel. Vraag een vrijblijvende offerte aan en Airquality berekent wat er in jouw situatie kan.